Dit onderwerp bevat 3 rubrieken:

Achtergrond

Op 18 februari 2014 heeft de Eerste Kamer de Jeugdwet aangenomen. Daarmee staat vast dat gemeenten vanaf 1 januari 2015 verantwoordelijk zullen zijn voor jeugdhulp en de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. Gemeenten hebben daarbij de verantwoordelijkheid om tot inkoopafspraken te komen met aanbieders die de continuïteit van hulp verzekeren. Ook moeten ze voorkomen dat functies van hulp die niet gemist kunnen worden verdwijnen bij de overdracht van de financiering van deze functies naar het gemeentelijk niveau. Goede inkoopafspraken zijn essentieel om de decentralisatie Jeugd te laten slagen. Gemeenten en organisaties zijn zelf verantwoordelijk voor die afspraken. Hierbij worden zij ondersteund door de activiteiten van het Transitiebureau Jeugd en het door de VNG ingestelde Ondersteuningsteam Decentralisaties.

Gemeenten en samenwerkingsregio’s zijn al volop bezig met het inkoopproces. In de loop van het jaar wordt duidelijk op welke inkoop aanbieders voor 2015 mogen rekenen. Voor een aantal organisaties komt dit mogelijk te laat. Extra maatregelen zijn gewenst zijn om te voorkomen dat noodzakelijke hulp na 2015 niet meer beschikbaar is.

Op 11 februari 2014 hebben de staatssecretarissen van VWS en VenJ in de Eerste Kamer daarom aangekondigd de TAJ op te richten. Dit als aanvulling op de al bestaande ondersteuning door het Transitiebureau en het Ondersteuningsteam. De TAJ neemt de verantwoordelijkheid voor de inkoop niet over, maar bevordert dat organisaties en gemeenten voldoende gelegenheid krijgen om tot inkoopafspraken te komen die de continuïteit van jeugdhulp verzekeren en die voorkomen dat functies van hulp die niet gemist kunnen worden, verdwijnen. Daarbij kan een instelling ook het advies van de TAJ krijgen om zijn organisatie aan te passen (saneren), om te fuseren of om zijn werkzaamheden af te bouwen. 

In het uiterste geval kan de TAJ de staatssecretarissen adviseren om gemeenten een aanwijzing te geven, of onder specifieke voorwaarden instellingen financiële te ondersteunen, zodat de benodigde hulp beschikbaar kan blijven.